Meerhoen/waterkoet

Rustig naar huis rijdend, na een zware dag werk, zag ik opeens een zwarte vogel op het grijze asfalt zitten. Eventjes het verkeer vergetend, reed ik tegen de richting in om de vogel heen zodat ik eens goed kon kijken wat er aan de hand was.

Aangereden. N  iet ik, maar de vogel dus. Dat was wel duidelijk. En de dader medogenloos doorgereden.

Ik stapte uit en was blij dat er niet zoveel verkeer was. “Wat is er nu toch met jou aan de hand?”. Alsof het beest me kon verstaan, praatte ik zachtjes tegen hem (haar?). Zette het dier in de auto en belde mijn Lief om te vragen waar het dichtst bij zijnde vogelopvangcentrum was. Midwoud. De Bonte Piet. Owkee. “Klein stukkie rijden, wees maar niet bang, ik breng je naar mensen die je kunnen repareren”.
Hobbel de bobbel. Lekker rijden hoor, een vogel achterin die steeds meer bang uit zijn ogen gaat kijken bij elke trilling die de auto maakt. Je wordt je wel erg bewust van elke hobbel die je neemt.
Ik kon het slecht vinden. Moest aan een mevrouw vragen waar het was. De meerhoen/koetvogel begon nu toch echt een beetje stoned te kijken, vlug vlug vlug!
Voor de deur van de Bonte Piet staan en dan geen antwoord krijgen op je geroep, terwijl je een ernstig gewonde vogel achterin de auto heb zitten, werkt niet echt bevorderend op je gemoedsrust kan ik melden.
Uiteindelijk (van lieverlee de toko maar mobiel gebeld te hebben) kwam de vrouw naar buiten.
En was de meerkoet intussen achterin mijn auto overleden.

Shit.

Een dierenredder van niets ben ik.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Meerhoen/waterkoet

Rustig naar huis rijdend, na een zware dag werk, zag ik opeens een zwarte vogel op het grijze asfalt zitten. Eventjes het verkeer vergetend, reed ik tegen de richting in om de vogel heen zodat ik eens goed kon kijken wat er aan de hand was.

Aangereden. N  iet ik, maar de vogel dus. Dat was wel duidelijk. En de dader medogenloos doorgereden.

Ik stapte uit en was blij dat er niet zoveel verkeer was. “Wat is er nu toch met jou aan de hand?”. Alsof het beest me kon verstaan, praatte ik zachtjes tegen hem (haar?). Zette het dier in de auto en belde mijn Lief om te vragen waar het dichtst bij zijnde vogelopvangcentrum was. Midwoud. De Bonte Piet. Owkee. “Klein stukkie rijden, wees maar niet bang, ik breng je naar mensen die je kunnen repareren”.
Hobbel de bobbel. Lekker rijden hoor, een vogel achterin die steeds meer bang uit zijn ogen gaat kijken bij elke trilling die de auto maakt. Je wordt je wel erg bewust van elke hobbel die je neemt.
Ik kon het slecht vinden. Moest aan een mevrouw vragen waar het was. De meerhoen/koetvogel begon nu toch echt een beetje stoned te kijken, vlug vlug vlug!
Voor de deur van de Bonte Piet staan en dan geen antwoord krijgen op je geroep, terwijl je een ernstig gewonde vogel achterin de auto heb zitten, werkt niet echt bevorderend op je gemoedsrust kan ik melden.
Uiteindelijk (van lieverlee de toko maar mobiel gebeld te hebben) kwam de vrouw naar buiten.
En was de meerkoet intussen achterin mijn auto overleden.

Shit.

Een dierenredder van niets ben ik.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.